Na twintig jaar in Portugal werd Frans (1940) hulpbehoevend. Hij bleef Portugal trouw en koos voor een rust/verzorgingstehuis in zijn geliefde Algarve. Zijn wel en wee deelt hij hier met de lezers van PortugalPortal.
De vierde leeftijd, maar dan in het buitenland
Wat als je oud, invalide (en de dagen nog lang niet zat) alleen overblijft in het buitenland? Je hebt vrienden en buren die helpen. Maar je kunt niet verlangen dat ze je komen douchen, almaar op je letten, je vertroetelen en voor je koken. Er zijn mogelijkheden om in het huis te blijven waar je zo lang woonde. In Portugal, want dat is het buitenland waar ik het over heb, bestaan particuliere initiatieven, die tegen betaling hulp bieden. Het Portugese ‘ziekenfonds’, de Segurança Social, stuurt desnoods elke dag verpleegsters naar je woning voor de medische begeleiding. Maar op zoek naar iets bestendigers kom je vanzelf op het pad van de rusthuizen. Het toevluchtsoord voor degenen die in de vierde leeftijd (zo noemen ze dat in Portugal) zijn beland. Dat pad ging ik bewandelen en ik zeg nu volmondig, na een paar maanden ervaring: had ik het maar eerder gedaan!
Eerst maar eens kort voorstellen
Frans van de Brink, 85 jaar, sinds vier jaar weduwnaar en in een rolstoel beland en dus weinig mobiel. In mijn werkzame leven was ik journalist bij De Twentsche Courant Tubantia. Na mijn pensioen samen met mijn vrouw naar ons favoriete vakantieland Portugal verhuisd. Het riante huurhuis nabij Loulé in de Algarve werd uiteindelijk onhandelbaar groot en dan zijn er kort door de bocht twee opties. Terug naar Nederland of in Portugal iets zoeken. Het werd het laatste. Het Casa de Repouso e Saúde, het Rust- en Gezondheidshuis, in São Brás de Alportel. Mijn ervaringen? Ze zijn opgetekend in dit dagboek.

De eerste dag
Argentina doucht me vandaag. Ze neemt extra lang de tijd om het warme water over me heen te sproeien. Feest dus. Je kunt nauwelijks vermoeden wat het met je doet als je twee jaar lang niet onder de douche hebt kunnen staan, omdat je dan in het bad moest stappen.
Ik herinner me nog levendig dat ik bij die manoeuvre uitgleed en wijdbeens op de rand van het bad terecht kwam. Een erg pijnlijke ervaring met zakje blauw als resultaat. Ik stapte in de badkuip, ging zitten en zat vervolgens klem. Gelukkig was tuinman Luís die dag aanwezig, Hij, toch een sterke kerel, kreeg me er niet uit. Hij belde de brandweer, in dit soort gevallen in Portugal de redder in nood. Twee man sterk kregen ze me omhoog. Sinds die tijd geen douche meer. Ik kon toch al moeilijk langer blijven staan.
Bij de sortering ochtendpillen zit een onbekende. Wel of niet slikken? Op zondag is de verpleegsterspost onbemand, dus toch maar ingenomen. Daarna komen twee helpsters buurten. Wij komen uw luier aandoen, kondigen ze aan. Maar incontinent ben ik beslist nog niet. Er wordt een lijst bijgehaald, want geloven op je woord is er niet bij. Gelijk hebben ze met die eigenwijze bejaarden, die soms het verschil tussen links en rechts niet meer weten. Er staat toch echt uw kamernummer op, beweren ze. Een telefoontje naar de administratie brengt uitkomst. De oude kamerbewoner was incontinent en de lijst was per ongeluk niet bijgewerkt. Geen luier voor mijnheer. Ze constateren het met iets van spijt in hun stem.
Rust
Op naar het ontbijt. Je zou het geroezemoes van een Portugees kippenhok verwachten, maar er heerst gewijde stilte. Iedereen nuttigt in alle rust – het is een casa de repouso nietwaar – een broodje ham of kaas (één broodje) en een sloot koffie, die in niets op een bica lijkt, maar alle kenmerken van een café Americano heeft. Slootwater dus. Gelukkig heb ik mijn Nespresso-apparaat nog, dat een welkome espresso levert. Achtereenvolgens kloppen op de deur: een dame die het bed opmaakt, een dame die de vloer dweilt en een dame die het zuurstofgehalte in mijn bloed meet. (Ik had de nachtzuster verteld dat ik nogal benauwd was bij inspanning). Tenslotte de directrice, die van mijn welbevinden wil weten. En of internet en tv goed werken. Wat gelukkig zo is.

De tijd vliegt, zo’n eerste dag.
Margaret Thatcher en Sneeuwwitje
Want daar meldt zich al de Angolese verzorger die me naar de lunch wil rijden. Weer die stilte. Zelfs geen getik van lepels in het bord wortel-aardappelsoep. Tweede gang: een onduidelijk vleesgerecht. Smaakt het wel of smaakt het niet. Het zit er ergens tussenin. Maar… als klap op de vuurpijl een sublieme vruchtensalade. Nog een kommetje? Dit Portugees versta ik prima. Omdat de lunch tussen twaalf en één uur is, staat er om vier uur een tussengang op het menu. De zogeheten lanche. Dit keer niet aan mij besteed, aangezien Liverpool tegen West Ham United voetbalt en ik liever voor de buis zit. Bovendien is er om 7 uur de jantar, evenals de lunch een warme hap. Ruim op tijd klopt een jolige Zuid-Afrikaanse op de deur. Of mijnheer naar de avonddis gebracht wil worden. Mijnheer wil. De rolstoel en ik staan in het voorgeborchte van het restaurant geparkeerd naast twee Engelse dames. De ene lijkt sprekend op Margaret Thatcher, de ander met haar sneeuwwitte haar op een oma uit een sprookjesboek. Hello, zeggen de twee als de Zuid-Afrikaanse verkondigt dat ik Engels spreek. Maar verdere conversatie blijft uit. Wel glimlacht Sneeuwwitje vriendelijk naar me. Aan tafel blijkt er opnieuw soep klaar te staan. Dit keer een wortel-aardappelcreatie met als extra kikkererwten. De man tegenover mij aan tafel kijkt niet op of om. Onverstoorbaar nuttigt hij zijn tot pap gemaakt eten. Alpinopet stevig op het hoofd geklemd. Als hij zijn slab afdoet, zie ik zijn roodomrande ogen. Alsof hij eeuwig in de rouw is. Ja, dat slabbetje met opvangbakje. Iedereen krijgt hem om, want met soep is knoeien gegarandeerd. De dame in de bediening wil weten hoe oud ik ben. 85. De omgeving reageert bewonderend. Vooral op mijn mooie gave gezicht. Dikker zijn kent ook voordelen. De serveerster merkt dat ik wat zinnen Portugees versta en zelfs spreek. Uitzonderlijk, vindt ze. Ik word prompt vertroeteld. Extra kommetje vruchtensalade na de hoofddis van gegratineerde kabeljauw met aardappelen en wortelsalade. Of ik nog een banaan mee wil nemen naar mijn kamer. Mijn disgenoten krijgen dat aanbod niet. De rolstoelchauffeur is dit keer een goedlachse Caboverdiaanse die al dansend mensen naar hun kamer brengt.
Regeltjes
Daar zit ik dan. De eerste dag achter de rug met in de mail de eerste rekening. Verhoogd met een extra kamerprijs als borg. In whatsapp de mededeling dat Jeanette en Ron morgen om drie uur naar me toe komen. Visite moet een dag van tevoren worden aangekondigd en er zijn tijdvakken voor. Bovendien geldt een maximum van drie bezoekers. Het oogt streng, maar ik denk dat de wortel-aardappelsoep minder heet gegeten wordt dan ze wordt opgediend. De restricties lijken meer te gelden voor visites aan de afdeling dementie. En om te voorkomen dat Portugese gezinnen met een man of tien tegelijk aan de poort verschijnen. De nacht valt. Er heerst rust. Wat uiteindelijk ook precies de bedoeling is.

De eerste nacht in een vreemd bed kenmerkt zich door rusteloosheid. Op de rechterzij met je gezicht naar de muur lukt aardig, maar omdraaien kan je in een netelige positie brengen. De breedte van 90 centimeter lijkt voldoende om niet uit bed te vallen, maar Zijne Rusteloosheid is uitgedijd door het vele zitten en het krachtvoer van de maaltijdservice van de Amigos de Querença. Kortom, het slaapt niet lekker. Dus om vier uur de sta-op-stoel opgezocht. Daar kijkt de dienstdoende nachtzuster vreemd van op, maar vrijheid blijheid.
De kamer is niet al te groot. Jeanette en Ron hebben de ruimte zo goed mogelijk ingedeeld, waarvoor hulde. Maar ook zij stonden machteloos bij het feit dat de rolstoel niet door de nauwe deur van de badkamer kan… (wordt vervolgd)




Zeer prettige vorm van lezen en interessant, daar mijn schoonouders ook op leeftijd zijn en het bejaarden tehuis niet als aantrekkelijk wordt gezien….boek te koop?
Goeie morgen Cory,
Het dagboek is alleen te vinden op Portugal Portal. Er is helaas geen boek. Ik schreef het dagboek aanvankelijk alleen voor mijn kinderen en vrienden, maar de hoofdredacteur van Portugal Portal las het toevallig en vond het interessant genoeg voor de website. In latere dagboeken (ik ben inmiddels tot aan nummer 33) komen ook zaken aan de orde als kosten, taalproblemen, omgang met demente bejaarden enzovoorts. Bedankt trouwens voor je leuke reactie.
He Frans,wat een leuk verhaal en zo positief,zou het leuk vinden om hier meer over te horen,zit je ook op facebook?
Ik zit wel op Facebook, maar zeer inactief. Er staan op mijn pagina alleen cartoons over Trump. Op het forum van Portugal Portal op Facebook zijn al wel reacties te lezen.
Heel prettig om te lezen Frans en fijn dat je het naar je zin hebt en wat kan een douche een mens blij maken!!!
Mooi en positief verhaal. Ik ben benieuwd naar het vervolg!
wat een positief verhaal ! én fijn om te lezen als je hier. nog in je derde jeugd, woont en soms toch stiekem bezorgd bent over hoe het zal gaan in de 4e ,blijf ajb schrijven Cora
Wat een mooi verhaal. Bedankt dat je je ervaringen met ons wilt dele .
Hallo Frans,
Leuk stukje heb je geschreven.
Nooit overwogen om weer in Nederland te gaan wonen?
En kom je daar ook buiten?
Groet Lia
Het rusthuis ligt in een landelijke omgeving, al loopt de Estrada Nacional nummer 2 er langs. Er is een brede groene strook, een schitterend terras met schaduwdoeken en een groot grasveld waarop soms twee kalkoenen en wat kippen scharrelen. Dat is dus mijn buiten. Met de rolstoel waag ik me niet verder, want er zijn nogal wat hellingen hier en daar.
Nog eens goed nagedacht waarom ik niet terug naar Nederland ga. De bovenliggende reden is toch de rust die Portugal uitstraalt. Ik haat Nederland echt niet, geenszins. Maar het is er naar mijn smaak te jachtig en te onpersoonlijk. Hier, en nu heb ik het over het rusthuis zelf, vind ik warmte, de kus op mijn bol, de aandacht. Dus om je vraag te beantwoorden, ik heb er nooit over gedacht te remigreren. Overigens ben ik resident en heb ik mijn Nederlandse paspoort behouden.
Dag Frans, ik ben een grote Portugal liefhebber, ik woon echter met mijn Braziliaanse vrouw in Vlaanderen. Zij is onlangs beginnen werken in een woonzorgcentrum en schrikt er van de onderbemanning en hoe onheus de ouderen hier behandeld worden. Mooi geschreven, leuk om te lezen, ik hoop dat ze in Portugal wat meer geduld hebben dan in België. De bewoners in het WZC vinden haar Braziliaanse hartelijkheid een verademing.
Fijn om te lezen Frans, ik zie uit naar de volgende afleveringen. Wij wonen zelf in een Portugese krimpgemeente met slechts 3000 inwoners (verdeeld over 4 parochies). En als voormalig voorzieningenplanoloog in Amsterdam ben ik nog steeds verbaasd over het goede en complete voorzieningenniveau hier met onder andere twee woonzorglocaties, waarvan 1 met dagbesteding. Fijn om te leven in een land waar het borgen van welZIJN prevaleert boven het streven naar welvaart.