Het is zowat algemeen bekend dat Portugal in de 15de en 16de eeuw, via de beroemde Descobrimentos (Ontdekkingsreizen), uitgroeide tot de belangrijkste natie ter wereld, waar geld en goud binnenstroomden. Maar heb je er ooit bij stilgestaan hoe het mogelijk is dat een klein landje, met toen nauwelijks een miljoen inwoners, een nooit gezien imperium opzette met de verovering van het grootste stuk van de Nieuwe Wereld? Het Ultramar Português (Portugese Overzeese Rijk) blijkt gebaseerd op een combinatie van de bekende Portugese vindingrijkheid met opportuun pragmatisme.

De stichting van de Orde van de Tempeliers
In 1096 wordt, op vraag van paus Urbanus II, de eerste kruistocht aangevat. De Europese krijgsheren hebben, na de Vikingen en de Hunnen, ook de Moren verdreven (behalve op het Iberisch schiereiland) en hebben er wel oren naar om bijvoorbeeld Jeruzalem te gaan bevrijden. Dat lukt drie jaar later, maar een bedevaart naar het Heilige Land blijft een riskante onderneming, een kruidvat zoals het jammer genoeg heden ten dage nog is. In dit kader wordt in 1118 de Orde van de Tempeliers opgericht (officieel de Orde van de Arme ridders van Christus en de Tempel van Salomon). Initiatiefnemers zijn twee ex-kruisvaarders, de Franse edelman Hugues de Payns, die ook de eerste grootmeester van het broederschap wordt, en Godfried van Sint-Omaars, telg uit een roemrijk Vlaams geslacht. Deze laatste maakt van Ieper zowat het eerste logistiek en financieel centrum van de orde. Het Tempelierssteen is nog een stille getuige van de eertijdse aanwezigheid in de stad. Hoewel het om een militaire orde gaat, leggen de stichters de gelofte van armoede, gehoorzaamheid en kuisheid af bij de koning en patriarch van Jeruzalem. Ze worden soldaten-monniken, beschermers van de bedevaarders op weg naar het Heilige Land.

Tien jaar later wordt de orde officieel erkend door de Katholieke Kerk. De tempeliers staan boven elke vorm van wetgeving en moeten alleen verantwoordelijkheid afleggen tegenover de paus. Dit klinkt aanlokkelijk en in geen tijd sluiten grote aantallen ridders aan bij de tempeliers. Verschillende ‘sponsortochten’ door Frankrijk, Vlaanderen en Engeland leveren, naast financiële middelen, ook een aanzienlijk patrimonium op van commanderijen en ander vastgoed. Bovendien stijgt met het aantal toetredingen ook het aantal giften, waarmee op strategische posities een netwerk van commanderijen en depots wordt opgebouwd. Het levert de orde een stevige machtspositie op in heel Europa. Ook in Portugal wordt in 1128 al melding gemaakt van hun aanwezigheid: gravin Teresa, de moeder van Dom Afonso Henriques, schenkt hen het kasteel van Soure, waar ze hun eerste Portugese hoofdkwartier vestigen.
De stichting van Portugal en samen voor de Reconquista
In 1139, weekt deze Afonso Henriques het graafschap Portucalense los van León en Castilië en roept zichzelf uit tot eerste koning van Portugal. Op dat moment is nog zo’n twee derde van het grondgebied dat hij voor ogen heeft in handen van de Moren, die sinds de achtste eeuw het grootste deel van het Iberisch Schiereiland bezet houden. Hij begint dan ook aan de befaamde Reconquista, de herovering van Portugal op de Moren. De Orde van de Tempeliers is hierbij ook bijzonder actief. Ze helpen bij de verovering van Santarém (1147) en enkele maanden later blijkt de tweede kruistocht een echt godsgeschenk. Een alliantie van Vlamingen, Friezen, Normandiërs, Engelsen, Schotten en wat Duitsers trekt als kruisvaarders per schip op weg naar het Heilige Land. Het konvooi, waaronder een flink aantal tempeliers, maakt een tussenstop in Porto en op verzoek van Afonso Henriques verlenen ze de broodnodige steun om samen met de Portugezen Lissabon te veroveren op de Moren. Na een wekenlange belegering wordt de stad ingenomen. De Portugese koning heeft de kruisvaarders beloofd dat zij bij de verovering de vrije hand krijgen, en zo gebeurt. Lissabon wordt volledig leeg geplunderd en daarna overgedragen aan Dom Afonso.

En zo kan het dat we tegenwoordig op een Portugese kalender bovenstaande afbeelding terugvinden. Op dit werk van Mário Costa zien we een kruisvaarder in actie bij het beleg van Lissabon, met op zijn schild een Vlaamse leeuw.
Het kasteel van Tomar
De meeste kruisvaarders trekken verder naar Jeruzalem (de kruistocht wordt verder een mislukking), maar een aantal blijft ook in Portugal. De tempeliers worden stilaan een legende en genieten groot prestige als eerlijke bankiers, aanhangers van een strikte religieuze discipline en bekwame soldaten. Zij vervullen verder een cruciale rol in de verdediging van de grenzen van het land. Koning Afonso Henriques is hen zeer genegen en beloont hun militaire heldendaden met royale schenkingen. Zo worden de tempeliers eigenaars van uitgestrekte gebieden, waar ze nederzettingen uitbouwen en verschillende forten bouwen. Denk dan bijvoorbeeld aan de kastelen van Almourol, Monsanto en Castelo Branco.

Ook in Tomar krijgen ze een flinke lap grond en met de opmars van de Reconquista verplaatsen ze het hoofdkwartier daarheen, hun nieuw strategisch centrum. Daar, bovenop een heuvel, wordt in 1160 door Gualdim Pais, de grootmeester van de Portugese Tempeliers, gestart met de bouw van één van de meest imposante kastelen van de krijgsmonniken. Het betreft een innovatief bouwwerk in militaire architectuur, meegebracht uit het Heilige Land. Zo introduceren ze in Portugal de Torre de Menagem (soort donjon), een vrijstaande, massieve commandotoren die ook dient als ultiem toevluchtsoord tijdens een belegering.
Het einde van de Tempeliersorde en de geniale Portugese meesterzet
De toenemende rijkdom en invloed van de tempeliers begint de Europese monarchen zorgen te baren. Vooral de Franse koning Filips IV lonkt begerig naar hun bezittingen. Een bijkomende reden is dat hij bij hen zwaar in de schulden staat door de financiering van zijn oorlogen. Zo was hij ook betrokken bij de Guldensporenslag in Kortrijk (1302). Hij gebruikt hierbij een beproefde methode en beschuldigt de orde van ketterij, afgoderij, duivelsaanbidding en andere godslastering. Op vrijdag 13 oktober 1307 worden alle tempeliers in Frankrijk opgepakt en door foltering tot bekentenissen gedwongen, waardoor paus Clemens V wordt overtuigd om de Tempeliersorde te ontbinden. Terzijde: dit is één van de historische verklaringen voor het ontstaan van het bijgeloof rond vrijdag de 13de. Op 18 maart 1314 sterft Jacques de Molay, de 23ste en laatste grootmeester van de orde, in Parijs op de brandstapel, het officiële einde van de tempeliers. Op de brandstapel vervloekt de Molay de paus en de koning. Eerstgenoemde sterft drie maanden later, laatstgenoemde houdt het slechts drie maanden langer vol!

Op bevel van de paus wordt de arrestatie van alle tempeliers bevolen en de inbeslagname van al hun eigendommen, die daarna de kerk toekomen. Dit bevel wordt in vrijwel heel Europa opgevolgd, maar in Portugal heeft koning Dom Dinis zijn bedenkingen. Deze kleinzoon van Afonso Henriques argumenteert dat de eigendommen van de Tempeliersorde van essentieel belang zijn voor de verdediging van de Portugese grenzen tegen Spanje en de Moren. Hij gaat in onderhandeling met het Vaticaan en ondertussen neemt hij de eigendommen tijdelijk in koninklijk beheer. Hij laat ook de Portugese tempeliers met rust, ze hoeven niet te vluchten en worden niet vervolgd. Er volgen jaren van lobbywerk en wat oorspronkelijk niet lukt bij paus Clemens V, krijgt hij wel gedaan bij zijn opvolger Johannes XXII. Op 14 maart 1319 wordt de Tempeliersorde in Portugal opgeheven, maar er komt onmiddellijk een alternatief met de Orde van Christus (Ordem de Cristo), een puur Portugees broederschap dat zich ook op de strijd tegen de Moren zal richten. De nieuwe orde erft alle bezittingen van de tempeliers, die ook zonder probleem kunnen overstappen, en zodoende blijft de rijkdom en de militaire kennis van de Tempeliersorde in Portugal. De enige eis van de paus is dat ook hij een gelijknamige orde mag oprichten.
Op naar de gouden tijden van de ontdekkingsreizen
Na verloop van tijd wordt duidelijk dat we te maken hebben met één van de meest cruciale en briljante politieke manoeuvres in de middeleeuwse geschiedenis. Het kasteel van Castro Marim wordt de eerste hoofdzetel, maar in 1357 keert men terug naar Tomar, de vroegere zetel van de Tempeliersorde. En zo blijft alles zowat bij hetzelfde, tot het logo toe.

Het kasteel in Tomar wordt beetje bij beetje uitgebouwd tot het Convento de Cristo, zoals het tegenwoordig op de Werelderfgoedlijst van UNESCO figureert. In 1417 komt er wel een belangrijke wijziging. De functie van grootmeester wordt niet langer toegekend door het broederschap, maar komt nu toe aan leden van het koninklijk huis. De eerste in de rij is prins Hendrik de Zeevaarder en die zorgt ervoor dat de Orde van Christus de spirituele en financiële motor wordt achter de befaamde Descobrimentos. (Ontdekkingsreizen). Spiritueel, omdat het Vaticaan verplicht wordt om geestelijke rechten te vestigen over alle ontdekte gebieden, met als diocesane zetel de kerk van Santa Maria do Olival in Tomar. Financieel, omdat het gigantische kapitaal van de voormalige tempeliers instaat voor de kosten van de scheepsreizen, die eerst de kusten van Afrika verkennen om later de zeeroutes naar India en Brazilië te ontdekke

Het kruis van de orde siert systematisch de zeilen van de Portugese schepen die de onbekende zeeën doorkruisen. Het valt dan ook niet te ontkennen dat de Tempeliersorde en zijn opvolger, de Christusorde, aan de basis liggen van het Portugese succesverhaal in de 15de en 16de eeuw, wanneer Portugal zowat de belangrijkste natie ter wereld wordt. Beroemde namen als Vasco da Gama, Ferdinand Magellaan, Bartolomeu Dias of Pedro Álvares Cabral zouden zonder de beide ordes nooit tot die grote ontdekkingen gekomen zijn.
Epiloog
Vanaf 1523 wordt de macht van de Orde van Christus beperkt, wanneer koning Dom João III bepaalt dat het religieuze aspect weer de boventoon moet gaan voeren. De orde wordt teruggebracht tot een zuivere monniksorde. In 1789 verliest ze het religieus aspect en wordt een wereldlijke orde van verdienste. In 1910, bij de val van de monarchie, wordt ze opgeheven om na WO1 in ere hersteld te worden. Ze wordt een belangrijke onderscheiding van verdienste, zowel voor Portugezen als buitenlanders, officieel de Ordem Militar de Cristo (Militaire Orde van Christus). De president fungeert als grootmeester van deze orde. Afrondend mogen we rustig stellen dat de Orde van de Tempeliers en de Orde van Christus, samen met het genie van Dom Dinis, van cruciaal belang waren in de middeleeuwse geschiedenis. Enerzijds was er de bijdrage tot de verdediging van het christelijk geloof, maar anderzijds ook de immense inbreng voor de historische Portugese maritieme expansie.
De trieste actualiteit: opgepikt door extreemrechts
Heden ten dage zijn er nog steeds ordes actief die werken volgens de principes van de tempeliers. In België is er OTAC (Ordinem Templari Auxilia Civilae, Tempeliersorde voor Burgerhulp), die al jaren liefdadigheidswerk verricht volgens de nobele principes van de tempeliers, met bijvoorbeeld eigen voedselbanken. In Nederland is er, vergelijkbaar, de OSMTH (Ordo Supremus Militaris Templi Hierosolymitani). Mooie initiatieven die een maatschappelijk draagvlak hebben.

Minder mooi is de bedroevende vaststelling dat de erfenis van de tempeliers nu ook wordt opgepikt en misbruikt door extreemrechtse organisaties. Die hebben de symbolen gerecupereerd en er een totaal andere invulling aan gegeven, die volledig uit zijn historische context is gehaald. De Noorse terrorist Anders Breivik verklaarde zijn aanslagen in een extreemrechts pamflet, waarin hij schreef dat individuen moeten opstaan om als moderne kruisvaarders Europa te redden van het islamitische spook. In 2002 richtte hij in Londen, samen met zeven kompanen (waaronder een Nederlander), een nieuwe Orde van de Tempeliers op (bron NOS). Sindsdien heeft de historische ridderorde in extremistische online-subculturen ingang gevonden als symbool voor verzet tegen multiculturalisme. Jürgen Conings, de militair die tijdens de coronapandemie viroloog Marc van Ranst bedreigde en oorlogswapens stal uit een militair magazijn, was lid van Knights of Flanders. Dit is een Vlaamse zelfverklaarde neo-tempeliersvereniging van extreemrechtse signatuur, die onder andere complottheorieën verspreidt. Er is ook de Vlaamse Tempeliersorde, die op haar site het volgende stelt: “De Vlaamse Tempeliersorde heeft tot doel de christelijke waarden te beschermen, onze eeuwenoude cultuur te vrijwaren, en onze levenswijze zeker te stellen tegenover de aanvallen van de invasieve en oorlogszuchtige religies, cultuur dodende politici en vrijheid beperkende wetgevingen die er enkel op toeziet een ras van slaven te creëren…”.

Dat we hier niet over een marginaal fenomeen spreken wordt geïllustreerd door de Amerikaanse minister van Oorlog, Pete Hegseth. Die pronkt met een aantal ophefmakende tatoeages, zoals op zijn borst het Jeruzalemkruis, dat nauw verbonden is met de tempeliers. Op zijn arm staat Deus Vult (God wil het), de strijdkreet van de kruisvaarders. In zijn discours heeft hij het geregeld over zijn ideologische strijd als een heilige oorlog of kruistocht om traditionele, christelijke waarden en vrijheden te verdedigen. Het noopte recent paus Leo XIV tot deze reactie richting Hegseth: “Wee degenen die religie en de naam van God manipuleren voor hun eigen militaire, economische en politieke voordeel en het heilige besmeuren met duisternis en vuil.”
Cinco Estrelas * * * * * – De pelgrims van de zee (Boémia)

Afsluiten doe ik graag muzikaal. De ontdekkingsreizigers hebben ook op dat vlak nog steeds hun invloed. Fausto Bordalo Dias maakte rond het thema al een onvolprezen trilogie. De groep Boémia bracht in 2011 dan weer het album Os Peregrinos do Mar (De Pelgrims van de Zee) uit. De teksten van Rogério Oliveira gaan nader in op de avonturen en lotgevallen van het Portugese volk ten tijde van de ontdekkingsreizen. De muziek is gebaseerd op traditionele Portugese ritmes maar verkent ook andere harmonische en melodieuze horizonten. De combinatie van fraaie muziek en arrangementen met de medewerking van drie grote figuren uit de Portugese cultuur – Amélia Muge, de reeds vermelde Fausto Bordalo Dias en de acteur Joaquim de Almeida – maken van dit werk een tijdloos album.





Geef een reactie